BOUWMETHODE

Betonwapening vloer Betonwapening vloer
Storten vloer waterkelder Storten vloer waterkelder
Vloer waterkelder Vloer waterkelder
Werkruimte Werkruimte
Storten buitenwanden Storten buitenwanden
Storten buitenwanden Storten buitenwanden
Bovenaanzicht stort buitenwanden Bovenaanzicht stort buitenwanden
Buitenwanden waterkelder Buitenwanden waterkelder
Zijaanzicht waterkelder Zijaanzicht waterkelder
Bouwen ondersteuning dak waterkelder Bouwen ondersteuning dak waterkelder
Enkele leidingen Enkele leidingen
Binnenwandjes Binnenwandjes

Waterkelder bij moot 85: Wist je dat?

  • De bouw startte in november 2012;
  • De werkzaamheden in april 2013 zijn afgerond;
  • Daarvoor 15 betonnen binnenwandjes nodig waren.
  • Wilt u weten hoe die wandjes werden opgebouwd? Klik dan hier.

WATERKELDERS IN DE TUNNEL

Bijgewerkt: april 2017

Inleiding
De bouwkuip voor de A2-tunnel was onderverdeeld in delen, zogenaamde moten. Bij Europaplein lag de eerste moot (moot 1) en bij Geusselt de laatste (moot 108). Het regenwater, dat via de inritten de tunnel inloopt, vangen we op in twee waterkelders. De twee waterkelders liggen onder de tunnelvloer, ter hoogte van moot 85 bij Geusselt en moot 43 bij Oranjeplein. Op deze plekken is een soort ‘dipje’ in de tunnelvloer, maar daarvan merken automobilisten nauwelijks iets. Met behulp van pompen wordt het water uit de kelder vervolgens afgevoerd naar de riolering en omgeving.

Principe waterkelder
Over het hele tracé genomen, ligt de tunnel zo’n 17 meter diep. Behalve bij Geusselt, waar tunnelmoot 85 ligt: dat is het diepste punt van de A2-tunnel, én bij moot 43 (Oranjeplein, ter hoogte van de zogenaamde ‘Gele Flat’), waar de tweede waterkelder ligt. Regenwater stroomt via een speciale afvoersleuf naar de waterkelders. De waterkelders zijn opgedeeld in verschillende ruimtes. Zo zijn er 8 zogenaamde zandvangen, is er een kleine ruimte voor vuil water en een grote ruimte voor schoon water. Daarnaast is er ook een technische ruimte voor de pompinstallaties. Het regenwater gaat eerst naar de zandvangen. Hierin kan rotzooi, zoals bladeren, steentjes of modder, bezinken. Het schonere water stroomt door naar een grotere opvangruimte. Van hieruit wordt het water weggepompt naar het riool. De noordelijke waterkelder heeft een breedte van circa 17 meter, een lengte van 31 meter en is 2,5 m hoog. De waterkelder bij het Oranjeplein is iets kleiner, namelijk niet meer dan 15 meter breed. Dat is mogelijk omdat de zuidelijke waterkelder minder regenwater hoeft te verwerken dan de waterkelder bij Geusselt. Bij Europaplein bevinden zich immers minder tunnelingangen dan bij Geusselt, waardoor ook minder regenwater in de afvoersleuven stroomt.

Bouwfasering
De waterkelders bouwden we in fases:

  1. Voorbereiding
  2. Vloer waterkelder
  3. Buitenwanden waterkelder
  4. Binnenwanden waterkelder
  5. Grondwerk
  6. Vloer A2 / dak waterkelder

Hieronder kunt u lezen hoe we de waterkelder bij Geusselt realiseerden. De bouw van de waterkelder bij Oranjeplein verliep op dezelfde manier.

Fase 1: Voorbereiding
Tunnelmoot 85 dus. Op deze plek, ongeveer ter hoogte van de Burgemeester Bauduinstraat 72, werd de tunnelbouwkuip zo’n 22 meter diep. Over de hele bouwkuip Geusselt-Zuid is ongeveer 200.000 m3 grond ontgraven. Het gaat dan om zand en klei (65.000 m3), maar ook om grind (80.000 m3) en mergel (55.000 m3). In totaal zo’n 10.500 vrachtauto’s.

Extra stempels
Het overgrote deel van de tunnelbouwkuip was zo’n 17 meter diep. Maar niet op de plekken waar we de waterkelders bouwden. Daar groeven we de grond nog een paar meter dieper weg. Bij Geusselt tot zo’n 22 meter, bij Oranjeplein twee meter minder: 20 meter. Die extra diepte betekende ook dat we een extra, vierde, laag stempels aanbrachten. Stempels – grote, stalen buizen – zorgden ervoor dat de wanden van de bouwkuip stabiel bleven. Door het weggraven van de grond in de bouwkuip, ging de grond daarbuiten op de bouwkuipwanden drukken. De stempels zorgden voor tegendruk, zodat de bouwkuipwanden niet in elkaar konden zakken. Na het storten van beton verdwenen de stempels ook weer één voor één.

Fase 2: Vloer waterkelder
Met het bereiken van het diepste punt, maakten dumpers en vrachtauto’s langzamerhand plaats voor een grote betonpomp en betonmixers. Zo werd het eerste beton gestort in de tunnelbouwkuip Geusselt-Zuid. En wel voor een stukje werkvloer: dat is een vlakke, betonnen ondergrond van enkele centimeters dikte, waarop de tunnelbouwers hun werk konden uitvoeren. Op de werkvloer kwam de échte tunnelvloer met een dikte van 1 meter. Het beton van de tunnelvloer stortten we tegen de damwanden aan. Zo nam het beton de functie van de stalen stempels over en was de vierde stempellaag overbodig.

Fase 3: Buitenwanden waterkelder
Met twee grote torenkranen hesen we de zogenaamde wapening de bouwkuip in. Dat zijn stalen staven die worden gebruikt om het beton mee te verstevigen. Op die manier kon het beton niet gaan scheuren. De bekisting is de vorm waarin het beton voor de vloer en wanden werd gestort. Zodra het beton van de wanden voldoende was uitgehard, haalden we de ‘kist’ weg. De buitenwanden zijn circa 1m dik. Door de dikte van de wanden was het nodig het beton te koelen, omdat anders het beton te snel warm werd en daardoor kon scheuren. Hoe koelden we dan beton? Voordat we beton gingen storten brachten we stalen buizen aan. Tijdens en na het storten van de wand stroomde er door deze buizen koud water. Dus een soort CV-installatie, maar dan met koud water i.p.v. warm water. Hierdoor konden we het proces van het verharden van het beton controleren.

Fase 4: Binnenwanden waterkelder
De waterkelder bestaat uit verschillende compartimenten, elk met een eigen functie. Om alle compartimenten van elkaar te scheiden, hadden we ongeveer 15 betonnen binnenwandjes nodig. De dikte van de wandjes varieert tussen de 200mm tot 500 mm. In deze wandjes bevinden zich, onder andere, leidingen die het regenwater naar de juiste ruimte in de waterkelder te leiden.

Fase 5: Grondwerk
De buitenwanden waren al een paar dagen na de betonstort voldoende uitgehard om de bekisting weg te halen. Daardoor kwam ruimte vrij om de ruimte tussen tunnel- en bouwkuipwanden aan te vullen met grond. Deze grond brachten we aan in lagen, die we telkens aantrilden met een trilwals. Dat was nodig omdat de aangevulde grond net zo compact moest zijn als de grond buiten de bouwkuip.

Fase 6: Vloer A2 / dak waterkelder
Zodra het grondwerk gereed was, startten de bouwers met de aanleg van de vloer van de onderste tunnelbuis. De tunnelvloer is tegelijkertijd het dak van de waterkelder.
  
Toekomst
Als u straks door de A2-tunnel rijdt, is de waterkelder nog steeds bereikbaar. In het wegdek van de onderste tunnelbuis zijn namelijk diverse luikjes aangebracht. Via de luikjes is toegang tot de verschillende compartimenten van de waterkelder mogelijk. De technische ruimte, waar alle installaties zich bevinden, is via het middentunnelkanaal van de onderste tunnelbuis bereikbaar.
Fotografie: Christel Thissen en Nick Fronik